Prof.dr. Pieter Tanis, oncologisch en gastro-intestinaal chirurg, Erasmus MC Rotterdam
Biografie
Pieter Tanis promoveerde in 2002 binnen de chirurgische oncologie op sentinel node biopsie. Na zijn opleiding heelkunde deed hij een 2-jarig fellowship chirurgische oncologie in het AMC/AvL en in 2010 werd hij staflid in het toenmalige AMC. In 2019 werd hij benoemd tot hoogleraar chirurgie aan de Universiteit van Amsterdam. In 2021 volgde een overstap naar het Erasmus MC, en in 2023 werd hij benoemd tot hoogleraar colorectale chirurgie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij is sinds 2012 betrokken bij de landelijke richtlijn darmkanker, en vanaf 2017 voorzitter. Daarnaast is hij sinds 2010 lid van de wetenschappelijke commisie van de DCRA en later ook lid van de clinical audit board van de darmkanker audit. Hij is principle investigator van meerdere multicenter gerandomiseerde studies, en heeft daarnaast veel landelijke cross-sectionele studies opgezet.
Samenvatting presentatie
Er zijn veel ontwikkelingen gaande in de behandeling van het rectumcarcinoom. Met modulaire updates wordt ervoor gezorgd dat de Nederlandse richtlijn colorectaal carcinoom steeds blijft aansluiten bij de actualiteit en hedendaagse praktijkvoering. Voor het classificeren van het rectumcarcinoom is er een vereenvoudiging doorgevoerd. Waar we historisch spraken van proximaal, mid, en distaal rectumcarcinoom met endoscopische afstanden vanaf de anus, is de meest up-to-date indeling op basis van proximaal en distaal met een afkapwaarde op 5 cm vanaf de anorectale overgang op sagittale MRI. Ook de 3-deling op basis van risico (laag, intermediair, hoog) is verlaten, en we gaan alleen nog spreken over niet-lokaal gevorderd en lokaal gevorderde tumoren. De criteria voor lokaal gevorderd zijn mesorectale fascie betrokkenheid, cT4b, EMVI, tumor deposities, en verdachte laterale lymfklieren. Belangrijk is dus om te constateren dat mesorectale lymfklieren geen rol meer spelen bij deze indeling.
Voor wat betreft behandeling is er natuurlijk een belangrijke ontwikkeling geweest met de introductie van orgaansparende behandeling. Dat begon met patienten die toch al een indicatie hadden voor neo-adjuvante behandeling, en waarbij vervolgens een klinisch complete respons optrad. Nu is dat uitgebreid naar primair resectabele tumoren, vooral distaal gelegen, die juist bij een wens tot orgaanpreservatie een bepaald schema radiotherapie krijgen. Want als die wens tot orgaanpreservatie er niet is en voor primaire rectumresectie wordt gekozen voor een niet-lokaal gevorderde tumor, dan is er ook geen indicatie meer voor neo-adjuvante radiotherapie, waar voorheen nog vaak gekozen werd voor 5x5Gy radiotherapie. Voor de lokaal gevorderde tumoren is nog steeds chemoradiotherapie de standaardbehandeling, maar kunnen de voor- en nadelen van een schema met totale neoadjuvante therapie met een patient worden besproken.
- Parallel 1, Parallel 2, Parallel 3
Modulaire update rectumcarcinoom richtlijn: nieuwe definities en geïndividualiseerde aanbevelingen
Datum: 21 nov 2025Tijd: 15:30 - 15:50